
Wat is stoïcisme en hoe pas je het toe in het dagelijks leven? Een gesprek met Dennis de Gruijter
Waarom dit gesprek hier staat
Dit is geen samenvatting van stoïcisme en geen praktische handleiding.
Dit gesprek staat hier als anker.
Het laat zien hoe stoïcisme wordt benaderd wanneer je niet op zoek bent naar tips, maar naar begrip, oordeel en richting. In de context van werk, tijd en persoonlijk leiderschap.
Wie snel wil scannen, zal hier weinig vinden.
Wie bereid is te lezen, hoort hoe keuzes, tijd en verantwoordelijkheid werkelijk samenhangen.
Drie kerninzichten uit dit gesprek
1. Stoïcisme is geen truc, maar een levenspraktijk
Niet om emoties te onderdrukken, maar om patronen te doorzien en bewust te kiezen wat werkelijk waarde heeft.
2. Tijd is zelden het probleem — keuzes zijn dat wel
Het gevoel van tijdgebrek ontstaat wanneer verantwoordelijkheid wordt uitgesteld of verplaatst.
3. Praktisch wordt stoïcisme juist waar het ongemakkelijk wordt
Niet in tools of stappenplannen, maar in het verdragen van spanning en het nemen van verantwoordelijkheid.
Intro
Max: Welkom bij een nieuwe aflevering van de Mentor Max podcast. Mijn naam is Max Ohlenschlager en vandaag ben ik niet alleen. Ik zit hier met Dennis de Gruijter, oprichter van de Stoïcijnse School. Dennis verzorgt lezingen en evenementen en coacht mensen in het stoïcisme. We leerden elkaar kennen via een crash course stoïcijns coachen. Dennis, welkom.
Dennis: Dankjewel Max. Leuk om er te zijn. En die fascinatie voor stoïcisme had je al; die nam je mee.
Max: Zeker. Ik ben er al jaren door gefascineerd—boeken, blogs, video’s. Ik geef training en coaching in time management en probeer stoïcisme daarin te verweven. Laten we bij het begin beginnen. Als iemand je vraagt: “Wat is stoïcisme?” Wat zeg jij dan?
1) Wat is stoïcisme?
Dennis: Voor mij is het een bewuste levenshouding waarin je verantwoordelijk kiest voor wat echt belangrijk is. Het ontstond zo’n 2500 jaar geleden als filosofie om mensen te helpen een goed leven te hebben en goed te functioneren—als mens én in je rollen: partner, ouder, burger. Het geeft kaders en soms adviezen: hoe leef je op een goede manier.
Max: Elke keer als ik erin duik gaat er een nieuw deurtje open. Hoe ben jij ermee in aanraking gekomen?
2) Dennis’ route
Dennis: Ik studeerde filosofie (2000–2004). Ik ging goed aan op de klassieke filosofen: filosofie als een manier van leven. Maar moderne filosofie is vaak vooral denken over teksten—kritisch, complex. Daar raakte ik gefrustreerd van. Ik ging filosofie doceren in het voortgezet onderwijs en zocht steeds: wat kan ik met filosofie als levenspraktijk?
Er waren ook duistere periodes—depressieve episodes—waarbij ik echt een kader nodig had: fundament, structuur. Religie ging het niet voor me doen. Stoïcisme sprak mij het meest aan. Niet omdat er een doorslaggevend rationeel argument is om stoïcijn te worden, maar omdat het mij hielp te koersen.
3) Wat stoïcisme oplevert
Max: Wat haal jij er nu uit?
Dennis: In het begin haalde ik er praktische keuzes uit: wat is belangrijk, waar richt ik me op? Door de jaren werd het fundamenteler: het helpt me de wereld ervaren en er iets zinnigs mee te doen. Met bescheidenheid: ik zie veel ellende in de wereld, maar ik weet niet alles en mijn bereik is beperkt. Dus in plaats van me zorgen te maken focus ik op wat binnen mijn bereik ligt—de mensen om me heen—waar ik wél het goede kan doen.
4) “Praktisch” en misverstanden
Max: Veel mensen horen “stoïcijns” en denken: emotieloos, onverschillig.
Dennis: Dat is het grootste misverstand. Onthechting is wel een proces, maar niet om hard en koud te worden. Het is onthechten van patronen die niet werken, zodat je vanuit rust kunt opbouwen: welke relaties wil ik, hoe wil ik leven?
En “praktisch” is ook dubbel. Voor ons is praktisch vaak: een planner maken. Voor de oude stoïcijnen was nadenken over de wereld en jouw plek daarin óók praktisch—levenspraktijk. Lezen, mediteren, dialoog, reflectie: alles kan praktisch zijn.
5) Tools, trucjes en het zware werk
Max: In coaching kom ik soms uit bij: “dit ligt buiten je controle, je hebt het te aanvaarden.” Dan vragen mensen: “Heb je een tip?”
Dennis: Heel herkenbaar. Mensen willen een trucje. Terwijl het echte werk vaak is: onderzoeken waarom iets je triggert. Wat zegt dat over jou? Dat is zwaar, want je moet iets onder ogen komen.
Je kunt opdrachten geven: bijhouden, opschrijven, reflecteren—maar niet iedereen werkt met journaling. Bij mij werkt het soms juist om iets even te laten liggen en later terug te kijken. En dat voortdurende “hoe doe ik dat?” kan ook een manier zijn om het proces te saboteren: te snel naar oplossing, terwijl je het even moet laten zijn.
6) Vijf minuten met jezelf
Dennis: Begin simpel: vijf minuten per dag met jezelf. Geen telefoon, geen achtergrond. Vijf minuten stelt weinig voor. En toch lukt het veel mensen niet. Dan hoor je: kinderen, buurman… Desnoods sta je in de schuur. Als het niet lukt, hecht je blijkbaar aan iets anders.
Max: In mijn trainingen hoor ik vaak: “Ik wil overzicht.” Maar waar nemen mensen geen tijd voor? Overzicht.
7) Tijd: bestaat het wel?
Max: Komt “tijd” terug in het stoïcisme?
Dennis: Dan kom je bij hun wereldbeeld. Ze zeggen: tijd bestaat tegelijk wel en niet. Wat er echt is: lichamen en veranderingen. Wij nemen verandering waar en daaruit ontstaat tijdsbesef. Tijd op zichzelf bestaat niet los van verandering.
Dat maakt het praktisch: hoeveel controle heb je over tijd? Voor een deel wel en voor een deel niet. We veranderen zelf—daar heb je geen controle over. Wel over wat je ermee doet en welke keuzes je maakt.
En in de oudheid zei men ook al: “Ik heb geen tijd.” Je hebt wel tijd; je maakt andere keuzes. Dat is lastig, want dan word je verantwoordelijk gehouden.
8) Seneca: de korte duur van het leven
Dennis: Seneca schrijft: het probleem is niet dat we te weinig tijd hebben, maar dat we het verkeerd gebruiken. Daarom voelt het kort. Hij beschrijft mensen in de rat race die hopen dat het later rustiger wordt, maar zichzelf juist in een kooi van tijd bouwen.
Een advies is: bewuste keuzes maken—niet meegesleept worden, maar koersen. En soms is het advies: stop met wat je doet. Niemand dwingt je om die ladder op te klimmen.
9) Redelijkheid en zorgen
Max: Jij gebruikt vaak het begrip “redelijkheid”.
Dennis: Redelijkheid is het vermogen om op basis van waarde te kiezen, en jezelf in de tijd vooruit te kunnen zien (pronoia). Daarmee kun je plannen.
Maar elk vermogen heeft een valkuil. De rede kan over zichzelf nadenken—en juist daardoor kunnen we ons ook eindeloos zorgen maken over de toekomst. Dat slokt tijd en energie op.
Beter is: “Dit gaat gebeuren. Welke waarden volg ik? Welke triggers verwacht ik? Hoe wil ik reageren?” Dat is vooruitzien zonder paranoia. Het is trainen.
10) Stoïcisme: populariteit
Max: Stoïcisme is populairder geworden. Heb je een verklaring?
Dennis: Niet echt. Mijn idee is: stoïcisme is nooit weg geweest. Het is in veel culturen opgenomen en elk tijdperk geeft er een eigen invulling aan. Nu zie je vaak een invulling gericht op autonomie, prestatie: “hoe gebruik ik dit om te presteren?” Over honderd jaar zal het er nog zijn, maar weer anders ingevuld.
11) Waar begin je?
Max: Wat is een goede start?
Dennis: Voor de link met werk en leiderschap: de Stoïcijnse podcast. Voor de filosofie zelf: ons boek De Stoïcijnse School (met Michiel Buis). Het is bedoeld als brug: veel mensen beginnen bij toegankelijke schrijvers, maar lopen vast op de klassieken.
En lees de bronnen. Seneca is heel toegankelijk en vriendelijk geschreven. Epictetus is vaak een schoolcontext met veel “gedoe”. Marcus Aurelius schrijft voor zichzelf—je leest een keizer die met zichzelf worstelt. Voor leidinggevenden is dat bijzonder.
12) Ondernemen, controle en emotie
Max: Je brengt een boek uit. Hoe pas je stoïcisme toe op dat proces?
Dennis: Confrontatie met controle: wat heb je in de hand en wat niet. Als ondernemer daalt je tolerantie voor “aankloten”. Als een planning uitloopt bij een uitgever, schiet ik ook in emotie. Dan helpt: verbinden met anderen, delen, en weer helder zien: dit ligt niet volledig in mijn controle. Je kunt het bespreken, maar soms lopen dingen.
13) Wanneer ben je “een stoïcijn”?
Max: Bij religie heb je rituelen. Hoe zit dat bij stoïcisme?
Dennis: In de oudheid is er onderscheid tussen filosoof en wijze. De filosoof verlangt naar wijsheid. De wijze heeft het inzicht bereikt—maar dat gebeurt bijna nooit. Je streeft naar iets waarvan je weet dat je het niet volledig zult bereiken. Er is geen instituut dat je een certificaat geeft.
Max: Noem jij jezelf een stoïcijn?
Dennis: Ja, in de zin dat ik me committeer aan die principes. Niet om te zeggen: “kijk hoe goed ik ben.” Marcus Aurelius wordt soms verheerlijkt, maar als je hem leest zie je juist worsteling. Het gaat om een mens die beter wil worden binnen kaders die hij gekozen heeft.
Verwijzing
Voor wie het gesprek met Dennis verder wil verdiepen:
De Stoïcijnse School – Dennis de Gruijter & Michiel Buis
Een toegankelijke maar inhoudelijk stevige brug tussen moderne toepassingen en de klassieke bronnen.

